Laatst bijgewerkt: 18 February 2026
Cassatie Jurisprudentie Letselschade Overzicht
Richtinggevende arresten van de Hoge Raad. Het juridisch fundament van letselschadepraktijk.
Overzicht Richtinggevende Arresten
De Hoge Raad heeft in decennia van rechtspraak het letselschaderecht gevormd. Onderstaand overzicht bevat de belangrijkste arresten per rechtsgebied.
Onrechtmatige Daad - Artikel 6:162 BW
HR 5 november 1965, NJ 1966/136 (Kelderluik)
Kernregel: Vier gezichtspunten voor beoordeling van gevaarscheppend gedrag:
- Waarschijnlijkheid dat derden niet opletten
- Grootte van de kans op ongevallen
- Ernst van de mogelijke gevolgen
- Bezwaarlijkheid van te nemen voorzorgsmaatregelen
Toepassing: Nog steeds leidend voor beoordeling zorgvuldigheidsnormen.
HR 9 december 1994, NJ 1996/403 (Zwiepende tak)
Kernregel: Bij letsel door inbreuk op een recht (lichamelijke integriteit) is de daad in beginsel onrechtmatig. De vraag is dan alleen nog of die onrechtmatigheid kan worden weggenomen door een rechtvaardigingsgrond.
Verkeersongevallen - Artikel 185 WVW
HR 28 februari 1992, NJ 1993/566 (IZA/Vrerink)
Kernregel: Bij aanrijding auto-fietser krijgt de fietser minimaal 50% vergoed als geen overmacht wordt aangenomen, ook bij eigen schuld. Dit is de "50%-regel".
Ratio: Het gemotoriseerd verkeer schept bijzondere gevaren die rechtvaardigen dat de gevolgen in beginsel voor rekening van de automobilist komen.
HR 24 december 1993, NJ 1995/236 (Anja Kellenaers)
Kernregel: Kinderen onder 14 jaar krijgen bij aanrijding met motorrijtuig 100% vergoed, tenzij sprake is van opzet of aan opzet grenzende roekeloosheid. Dit is de "100%-regel".
HR 22 mei 1992, NJ 1992/527
Kernregel: Voor overmacht in de zin van artikel 185 WVW is vereist dat de bestuurder rechtens geen enkel verwijt kan worden gemaakt, ook niet het verwijt dat hij door zijn rijgedrag het gevaar heeft veroorzaakt.
Werkgeversaansprakelijkheid - Artikel 7:658 BW
HR 10 juni 2011, NJ 2011/273 (Rooyse Wissel)
Kernregel: Bewuste roekeloosheid vereist dat de werknemer zich onmiddellijk voorafgaand aan het ongeval daadwerkelijk bewust was van het roekeloze karakter van zijn gedraging. Algemeen bewustzijn van gevaar is onvoldoende.
HR 11 november 2011, NJ 2011/597 (TNT/Wijenberg)
Kernregel: De werkgever moet bewijzen dat hij aan zijn zorgplicht heeft voldaan. Dit omvat niet alleen fysieke veiligheidsmaatregelen maar ook instructie en toezicht.
HR 5 november 2004, NJ 2005/215 (Lozerhof/Van Duijvendijk)
Kernregel: Artikel 7:658 BW strekt ook tot bescherming tegen psychische schade als gevolg van seksuele intimidatie of pesten op de werkvloer.
Causaal Verband
HR 2 november 1979, NJ 1980/77 (Vader Versluis)
Kernregel: De "Brunner-factoren" voor toerekening van schade aan de dader: aard van de aansprakelijkheid, aard van de schade, voorzienbaarheid en verwijderdheid.
HR 23 februari 2007, NJ 2007/503 (De Groot/Io Vivat)
Kernregel: De omkeringsregel: als een specifieke veiligheidsnorm is geschonden die strekt tot bescherming tegen een bepaald gevaar, wordt het causaal verband tussen schending en schade in beginsel aangenomen.
HR 8 februari 1985, NJ 1986/137 (Renteneurose)
Kernregel: Psychische klachten na een ongeval die objectief medisch niet verklaarbaar zijn, komen toch voor vergoeding in aanmerking als zij reeel en invaliderend zijn ("renteneurose-arrest").
Smartengeld - Artikel 6:106 BW
HR 22 februari 2002, NJ 2002/240 (Taxibus)
Kernregel: Naasten van een slachtoffer kunnen in uitzonderlijke gevallen smartengeld claimen voor shockschade als zij getuige waren van het ongeval of direct nadien met de ernstige gevolgen werden geconfronteerd.
Vereisten: waarneming of directe confrontatie, hechte affectieve relatie, geestelijk letsel.
HR 9 mei 2003, NJ 2005/168
Kernregel: Richtsnoeren voor begroting smartengeld: vergelijking met eerdere uitspraken, aard en duur van letsel, mate van verwijtbaarheid dader, en ontwikkelingen in Europa.
Recente Ontwikkelingen (2020-2026)
HR 12 maart 2021, ECLI:NL:HR:2021:363
Kernregel: Verduidelijking van de eisen aan het bewijs van causaal verband bij whiplash. De enkele medische vaststelling dat klachten reeel zijn, is onvoldoende voor aanname van causaal verband.
HR 18 december 2020, ECLI:NL:HR:2020:2096
Kernregel: Uitbreiding mogelijkheden voor affectieschade na inwerkingtreding Wet affectieschade (art. 6:107 en 6:108 BW nieuw).
Toepassing in de Praktijk
Kennis van deze jurisprudentie is essentieel voor:
- Onderbouwing aansprakelijkheid - Juiste toepassing van Kelderluik-criteria
- Berekening schadevergoeding - Juiste toepassing eigen schuld en billijkheidscorrectie
- Bewijs causaal verband - Toepassing omkeringsregel waar mogelijk
- Maximaliseren smartengeld - Vergelijking met relevante uitspraken
Juridisch Onderbouwde Claim
Onze juristen kennen de jurisprudentie. Wij bouwen uw claim op solide juridische gronden.
Start Uw Claim